Pers / Press

Het aanbidden van Louis Claus
Roman De Bezige Bij
Bestel het boek

Het aanbidden van Louis Claus kaft

Een schitterende vorm van schrijversgeluk’ De Groene Amsterdammer

‘Dit is het begin van echt schrijverschap.’ **** De Volkskrant

‘Hoogenkamp verwerkt enkele trauma’s op een subtiele en soms confronterende wijze. Vooral de onderlinge relaties weet ze prachtig te verwoorden en soms schieten de tranen je in de ogen als ze in een paar zinnen de onmacht binnen die verhoudingen weet te typeren. (…) Het aanbidden van Louis Claus is een fantastisch debuut.’ ***** Leeuwarder Courant/Dagblad van het Noorden

‘Jeugd, tegenslag, opgroeien: het is de materie waaruit veel literaire debuten zijn opgebouwd, maar Hoogenkamp steekt er bovenuit met haar knisperende stijl en haar knappe dosering.’ **** NRC Handelsblad

‘Het aanbidden van Louis Claus’ is een overdonderende debuutroman over het diepmenselijke verlangen naar onvoorwaardelijke bevestiging van je bestaan, naar een plek om in thuis te komen.’ Tzum

‘Voortreffelijk debuut van toneelschrijfster Helena Hoogenkamp. De begeerde Louis wordt in haar roman voorwerp van fascinatie. Eerst in die vreemde zomer van 2003, later opnieuw – als Carla een relatie met een vrouw heeft en Louis een succesvol acteur is. Subtiele comingof-ageroman met weerhaakjes.’ De Morgen

‘Bij de bekroonde toneelschrijfster smaakt de coming of age-cocktail naar cranberrybreezers, Goldstrike en hartverscheurende eenzaamheid. Wie puberde rond de eeuwwisseling zal meteen de bitterzoete smaak van die combinatie herkennen.’ *** De Standaard

‘Droomdebuut.’ De Limburger

‘Helena Hoogenkamp schreef over het onzegbare.’ Het Parool

 

Kleine zeemeermin, per ongeluk dood
Novelle Wintertuin Uitgeverij.
Bestel het e-book

Omslag: Eva Mouton

‘Een tikje ruw en toch chic: de pockets waarmee Wintertuin jong literair talent presenteert.’ Volkskrant

 

BLISS 
Voorstelling voor Jasper van Luijk/SHIFFT

Zo voelt geluk. Als een beweging die ik vergeet. En steeds als ik dat ben denk ik: wat was daar moeilijk aan?’ Het gevoel dat schrijver Helena Hoogenkamp oproept aan het begin van Bliss slaat een brug tussen de tekst, dans en muziek in de voorstelling. (…) In de voorstelling spreekt Helena Hoogenkamp over een poging om offline te gaan. In dit geval betekent dat een soort terugtrekking uit de wereld, ver van waar wifi-signalen zijn op te vangen. Gedurende de voorstelling laat zij op verschillende momenten haar teksten horen. Er zitten mooie vondsten in en Hoogenkamp neemt de toeschouwers moeiteloos mee in haar road trip.’  Theaterkrant

 

ChopChopBangBang
Voorstelling voor Theatercollectief DeMeiden

‘Twee hoog getalenteerde jonge meiden, Linda Lugtenborg en Annemieke Ros, en hun dramaturg/schrijver Helena Hoogenkamp wilden het stuk ook doen. Maar Toneelgroep Amsterdam heeft de rechten exclusief gekocht, dus dat mocht niet. Die meiden spelen nu De Meiden spelen ChopChopBangBang, een spel over het spelen van een spel in een spel. (…) Ze bouwen uit die verspijkerde fabel een ingenieus bouwwerk dat bij tijd en wijle hoogst lelijk en ongemakkelijk is om naar te kijken. Maar dat is De meiden als toneelconstructie ook. En dat als performance bij elkaar wordt gehouden door een brutaal en rafelig opgediend toneelspelersvernuft waar ik met open mond naar heb zitten kijken.’ De Groene Amsterdammer 

‘Als een stelletje zombies komen ze op, twee balletmeisjes from hell, met spierwitte gezichten, met (bloed?) besmeurde onderjurkjes en een starre blik die is gericht op het publiek. Wat ze is overkomen? Zij, twee jonge actrices, wilden De meiden opvoeren, een sociaal bevlogen stuk van de Franse schrijver Jean Genet. Ze kenden de tekst al. En toen bleek dat een groot gevestigd theatergezelschap de rechten had bemachtigd. Daar konden zij -als kleintjes – niks tegen beginnen. Dus maken ze maar een voorstelling die Chopchopbangbang heet. En noemen ze zich theatercollectief De Meiden. Welnu, Chopchopbangbang mag er ook zijn, want hierin verweven De Meiden (de kortgeleden afgestudeerde Linda Lugtenborg, Annemieke Ros en Helena Hoogenkamp) op vindingrijke wijze de thema’s van het origineel van Genet met de huidige problemen van een beginnend theatermaker. De Volkskrant

‘In de fantasie die volgt vergiftigt Lugtenborg Chris Nietvelt en Marieke Heebink in de Koninklijke Foyer met anthraxthee. Het geflirt met de werkelijkheid maakt die brutale fantasietjes erg geestig. Bovendien durft Lugtenborg – zij is het grootste gedeelte van de tijd aan het woord – lelijk te spelen. Het is niet altijd prettig om naar te kijken, maar ze verbeeldt die woede over de heersende hiërarchie uitstekend. (…) Lugtenborg en Ros besluiten De Meiden toch de spelen, want ‘twee onbeduidende theatermeisjes zijn toch geen concurrentie voor Toneelgroep Amsterdam’. Zo grijpen ze Genets stuk bij de lurven en slingeren het de actualiteit in. Een actualiteit waarin gesubsidieerde theatergezelschappen het landschap bepalen. Een actualiteit waarin je als beginnende maker twee keuzes hebt. Meedoen aan het spel of niet meer meedoen. Verzet is alleen mogelijk binnen de regels. **** Theaterkrant

 

Intensive Care 3 a.m.
Voorstelling voor Toneelgroep Maastricht, regie Carina Molier

‘Het leven zit vol ruis, toneel mag dat ook hebben. Maar het moet effectieve ruis zijn, tranches de vie die aan het leven ontfutseld worden. Chagrijnen typeren het werk van Carina Molier als een variant van reality-tv binnen het toneel, maar dat is aantoonbare onzin. De werkelijkheid wordt in haar voorstellingen altijd verhevigd, op de spits gedreven, naar de rand van een afgrond gejaagd, of juist vertraagd, verstild, uitvergroot, of even uit haar context gelicht.’ De Groene Amsterdammer